Wat doe u met een berg aardappels waar bijna niemand nog iets voor betaalt? In Drenthe vonden Johan en Cor een oplossing die slim, nuchter en toch verrassend vrolijk is. Ze geven waardeloze aardappels weer nut, en dat zegt veel over boeren die niet graag verspillen.
Waarom aardappels dit jaar zo moeilijk verkopen
Dit seizoen zit de aardappelmarkt muurvast. Er zijn veel te veel aardappelen geteeld, de opbrengst is hoog en de afzetmarkt is kleiner dan gehoopt. Voor boeren zonder vast contract voelt dat al snel als een harde klap.
Normaal gesproken levert een volle oogst vooral opluchting op. Nu is het voor veel telers juist een probleem. Aardappels die nog geen jaar geleden met zorg in de grond gingen, blijken ineens bijna niets meer waard.
Van probleem naar idee op het erf
Melkveehouder Johan Mulder uit Wezup hoorde dat zijn buurman met een enorme voorraad zat. De vraag was simpel maar ook wrang: kan er nog iets mee? Johan wilde wel helpen, maar hij keek meteen verder dan een snelle oplossing.
Hij wilde aardappels niet éénmalig voeren, maar het hele jaar door kunnen gebruiken. Alleen bleef de vraag: hoe bewaart u zo’n grote hoeveelheid goed? Samen met zijn bevriende loonwerker Cor Mechielsen uit Zwinderen ging hij op zoek naar een praktische manier.
Toen kwamen ze uit bij droge bietenpulp. Dat lijkt misschien een vreemde combinatie, maar juist die menging maakt het mogelijk om de aardappels langer te bewaren. Het resultaat is een slimme, stevige voorraad die niet meteen verloren gaat.
Wat is inslurfen precies?
Bij inslurfen worden de aardappels gemengd met droge bietenpulp en vervolgens opgeslagen in een grote witte zak. Zo’n zak heet een aardappelslurf. Het klinkt misschien wat grappig, maar het werkt serieus goed.
Cor Mechielsen heeft de apparatuur om dit te doen. Op het erf in Wezup werden de eerste aardappels al met succes ingeslurfd. Dat gaf meteen vertrouwen. Wat begon als een oplossing voor één boer, trekt nu ook de aandacht van anderen.
Waarom deze aanpak boeren helpt
Zonder oplossing zouden veel overtollige aardappels worden weggegooid. Ze gaan dan naar de vergister of worden over het land uitgereden. Dat voelt zonde, want die oogst heeft een heel groeiseizoen gekost.
Juist daarom raakt dit verhaal. U ziet hier geen grote reddingsactie van een bedrijf, maar gewoon twee boeren die niet willen accepteren dat goed voedsel verloren gaat. Ze verdienen er niet rijk mee, maar ze maken wel iets bruikbaars van iets dat anders verdwijnt.
Cor zegt het mooi: als u er toch nog wat mee kunt doen, word u daar weer wat vrolijker van. En eerlijk is eerlijk, dat begrijpt u meteen. Niemand kijkt graag toe hoe een stapel voedsel weg moet zonder zinvolle bestemming.
Hoe werkt het in de praktijk
De eerste ingeslurfde aardappels liggen er al maanden goed bij. Volgens Cor kwam de partij na vier maanden nog steeds mooi uit de opslag. Dat is belangrijk, want de boer wil er niet alleen nu wat aan hebben, maar ook later in het jaar.
De werkwijze is vrij eenvoudig. De aardappels worden gemengd met droge bietenpulp en daarna met een machine in de slurf geperst. Zo ontstaat een afgesloten voorraad die geschikt is om later aan vee te voeren.
- aardappels die over zijn
- droge bietenpulp als mengmiddel
- een machine om alles in de slurf te persen
- een geschikte plek op het erf voor opslag
Een oplossing voor een heel apart jaar
Johan en Cor denken dat deze aanpak vooral dit seizoen hard nodig is. Het is volgens hen een uniek jaar. Een heel apart jaar zelfs. En dat merkt u in de hele keten, van teler tot melkveehouder.
Ze hopen dat volgend jaar weer normaler wordt. Toch laten ze nu al zien dat creatief denken veel kan opleveren. Niet in geld misschien. Wel in rust, samenwerking en minder verspilling.
Voor boeren die met dezelfde stapel aardappels zitten, kan dit idee het verschil maken tussen weggooien en benutten. En dat maakt het verhaal van Johan en Cor meer dan een slimme vondst. Het is ook een klein beetje hoop in een lastige markt.
Waarom dit meer is dan alleen een boerenoplossing
Dit soort initiatieven laat zien hoe sterk lokale samenwerking kan zijn. Een melkveehouder, een loonwerker en een aardappelteler vinden samen een uitweg waar niemand alleen op komt. Dat maakt het menselijk en herkenbaar.
En misschien is dat wel de echte les. Soms hoeft een probleem niet groot of ingewikkeld te worden opgelost. Soms helpt het al als iemand vraagt: kan ik hier nog iets mee? Juist dan begint iets nieuws.










